Winterwortels en bospeen zaaien is iets wat iedereen met een klein stukje tuin kan doen. Je hoeft er geen grote boer voor te zijn en zelfs in een bak op het balkon lukt het, zolang je maar diepe grond hebt. Wilhelmus Hengstmengel, die veel van zijn gerechten uit eigen tuin bereidt, laat zien dat wortels kweken vooral een kwestie is van doen. Met wat geduld en aandacht oogst je uiteindelijk iets dat niet alleen verser is dan uit de winkel, maar ook meer smaak heeft. In zijn eigen tuin zaait hij zowel bospeen als winterwortels. Hij is namelijk een liefhebber van ouderwetse stamppotten zoals hutspot en dan is een flinke voorraad wortels bijna onmisbaar.
Zowel bospeen als winterwortel zijn dankbare groenten om mee te beginnen als je net start met tuinieren. Ze vragen niet veel onderhoud, maar ze hebben wel hun voorkeuren. De bospeen is een snellere groeier en wordt geoogst in de zomer, terwijl de winterwortel echt pas tegen het einde van het seizoen op zijn best is. Juist die afwisseling vindt Wilhelmus belangrijk. Het ene gebruik je vers, het andere laat je wat langer in de grond zitten of bewaar je in de kelder voor later in het jaar.
Wat hij vooral benadrukt is dat wortels kweken eenvoudiger wordt als je het niet te moeilijk maakt. Goede grond, de juiste timing, en je handen gebruiken. Dat is zijn aanpak. In dit stuk legt hij uit hoe je zelf wortels zaait, waar je op moet letten bij het onderhoud, en hoe je voorkomt dat je mislukte of gekke wortels oogst. Met wat geduld groeit er dan vanzelf een oogst waar je trots op kunt zijn.
Wanneer wortels zaaien?
Voor bospeen kun je al in het vroege voorjaar beginnen, zodra de grond een beetje is opgewarmd. Meestal is dat rond eind maart of begin april. Je hoeft geen kas of tunnel te hebben, maar wel een fijn zaaibed. Het helpt om de grond eerst wat los te maken met een hark of kleine cultivator, zodat de fijne worteltjes zonder moeite naar beneden kunnen groeien. De zaden zijn klein en kunnen het beste dun gezaaid worden, met een paar centimeter ertussen. Dat voorkomt later veel werk met uitdunnen.
Winterwortels zaai je iets later, meestal in mei of juni. Deze soort groeit langzamer, maar blijft veel langer goed. Wilhelmus gebruikt voor zijn wintervoorraad vaak rijen die hij pas in oktober of november oogst. Hij bewaart ze dan in zand in de kelder, zo blijven ze stevig tot diep in de winter. Belangrijk is dat de wortels diep kunnen groeien, dus de grond moet niet te hard of stenig zijn. Anders krijg je van die rare, kromme wortels.
Wat veel mensen vergeten is dat wortels een hekel hebben aan vers bemeste grond. Je moet dus niet vlak voor het zaaien compost of mest inwerken, want dan gaan ze vertakken. Wilhelmus werkt zijn compost altijd in de herfst al onder, zodat de bodem in het voorjaar mooi evenwichtig is. En hij kiest altijd voor een plek in de zon, want wortels houden van warmte en licht.
De juiste grond voor wortels
Wortels kweken begint bij het kiezen van de juiste plek. Een losse, zanderige grond werkt het beste. Klei is vaak te zwaar, tenzij je het mengt met wat compost en zand om het luchtiger te maken. Een verhoogd bed is ideaal als je met mindere grond zit. In de moestuin van Wilhelmus liggen de wortelbedden iets verhoogd en hij wisselt elk jaar van plek om ziektes en plagen te voorkomen.
Een veelvoorkomende fout bij beginnende tuinders is te ondiep zaaien. Wortels moeten echt de ruimte hebben om diep te wortelen. Een geultje van één tot anderhalve centimeter is voldoende. Daarna bedek je het zaad voorzichtig met aarde en druk je het licht aan. Daarna water geven, maar niet met harde straal. Liefst met een fijne broes zodat je het zaad niet wegspoelt. Als het droog weer is, geef dan elke dag een beetje water tot de eerste groene sprietjes te zien zijn.
Eenmaal opgekomen hebben wortels niet veel nodig. Ze groeien rustig door zolang de grond niet uitdroogt. Onkruid wieden is wel belangrijk, want wortels zijn zwakke concurrenten. In de tuin van Wilhelmus wordt er dus elke week even gewied met de hand, vooral in de eerste weken. Daarna sluiten de rijen zich en krijgt het onkruid minder kans.
Oogsten en bewaren
Bospeen kun je vaak al binnen tien tot twaalf weken oogsten. Ze zijn dan nog jong en lekker zoet. Wilhelmus haalt ze meestal in delen uit de grond, zodat hij steeds een paar verse bij de hand heeft. Eenmaal geoogst kun je ze in de koelkast bewaren, maar het liefst eet hij ze gewoon direct. Even afspoelen en rauw bij het eten, of kort gestoomd.
Winterwortels blijven vaak tot ver in het najaar in de grond. Ze worden alleen maar zoeter na een paar koude nachten. Voor het bewaren graaft Wilhelmus ze met een riek voorzichtig uit, en legt ze in een houten kist met vochtig zand in de kelder. Zo kun je maandenlang genieten van je eigen worteloogst, zonder dat je ze hoeft in te vriezen of te koken voor het bewaren. Belangrijk is dat je ze voor het bewaren niet wast, want dan bederven ze sneller.
Soms gebeurt het dat je wortels scheuren of vreemd van vorm zijn. Dat komt meestal door wisselende vochtigheid of te dichte grond. Maar Wilhelmus zegt altijd dat die wortels net zo goed smaken. Hij snijdt ze gewoon iets bij en gebruikt ze voor soep of stoofpotten. Want verspilling, dat doet hij niet aan.
Wortels kweken in bakken of potten?
Wie geen tuin heeft, kan toch wortels kweken. In diepe bakken of potten lukt het ook prima, als ze maar minstens dertig centimeter diep zijn. Je vult ze met een mengsel van potgrond en zand, zaait zoals in de volle grond, en zet de bak op een zonnige plek. Wilhelmus heeft vroeger op zijn balkon ook zo z’n eerste bospeen gekweekt, gewoon uit nieuwsgierigheid. Sindsdien is hij verslingerd aan zelf zaaien. De smaak is gewoon anders, en het gevoel dat je het zelf gedaan hebt is onbetaalbaar.
Voor mensen met kinderen is het extra leuk. Je zaait samen, je ziet het groeien, en uiteindelijk oogst je iets dat je samen kunt eten. Wilhelmus noemt het de beste manier om jonge mensen weer te leren waar eten vandaan komt. Geen plastic zakjes uit de supermarkt, maar groente die je met je eigen handen uit de grond trekt.
Wortels kweken is geen hogere wiskunde, zegt hij altijd. Het is iets dat je gewoon moet doen, proberen, en bijleren. En elk jaar word je er beter in. Zelf kweken is niet alleen gezonder en goedkoper, het maakt je ook trots op je bord eten. De laatste keer dat hij zijn winterwortels uit de kelder haalde, dacht hij: dit smaakt toch echt naar vroeger.
En dat is precies waarom Wilhelmus blijft doorgaan met wortels kweken.
Maar mocht je nu onnodige wortelgroei in je riolering hebben, lees dan hier hoe je dit moet oplossen!